Alle moderne dierenartsen weten dat katten geen kleine honden zijn.

Kat

De kat is een van de meest populaire huisdieren in Nederland. Katten zijn notoir eigenwijs, maar houden over het algemeen van gezelschap en geknuffel.
BlogContactgegevens

De voorouder van onze huiskat is waarschijnlijk de Afrikaanse wilde kat geweest. Katten werden duizenden jaren geleden vooral gehouden om graanvoorraden tegen muizen en ratten te beschermen. Tegenwoordig worden katten vooral als gezelschapsdier gehouden.
Katten kunnen zowel solitair als in groepen leven. Het samen houden van niet verwante katten is mogelijk, mits er voldoende ruimte is om elkaar uit de weg te gaan.
Er zijn veel verschillende soorten katten, bijvoorbeeld; de Maine Coon, de Siamees, de Brits korthaar en de Noorse Boskat. Verreweg de meeste katten in Nederland behoren echter niet tot een ras en worden ook wel Europees korthaar genoemd.
Een kat wordt gemiddeld zo’n 14 tot 18 jaar. Het kan een hele trouwe vriend zijn, maar het is belangrijk hem of haar goed op te voeden. Helaas komen er ook elk jaar tienduizenden katten in het asiel terecht, u kunt dus ook overwegen om een kat uit het asiel te halen.

Dierenkliniek Tiel-Drumpt: In deze tabel kunt u algemene informatie terugvinden over de kat.* Een vrouwelijk dier is geslachtsrijp wanneer ze succesvol bevrucht kan worden. Dit betekent niet dat dit het meest ideale tijdstip is voor het dier om drachtig te worden. **Met fokrijp wordt de leeftijd aangegeven waarop de dieren voldoende ontwikkeld zijn om jongen te krijgen. NB: Bij alles in deze tabel gaat het om gemiddelden (verschillen kunnen bijvoorbeeld optreden door verschillen in ras).

Een relatief eenvoudige manier om uw kat te beschermen tegen een aantal virale infecties is door te vaccineren.

De ziektes waartegen gevaccineerd worden zijn:
Kattenziekte:
Deze aandoening wordt veroorzaakt door een virus dat met name de sneldelende cellen van de darmen aantast. Dit kan met name bij jonge, onbeschermde dieren leiden tot heftige buikpijn, diarree en sterfte. Volwassen dieren lopen minder risico’s omdat zij meestal al beschermd zijn door vaccinaties. Het virus is heel resistent en kan jarenlang in de omgeving aanwezig blijven. Hierdoor is het mogelijk dat dieren ziek worden zonder contact met andere katten.

Niesziekte (en chlamydia):
Deze term wordt vaak gebruikt voor elke luchtweginfectie van de kat die begint bij de voorste luchtwegen. De eigenlijke niesziekte in nauwere zin is een aandoening die veroorzaakt wordt door meerdere virussen, bacteriën en chlamydiae (hierbij gaat het om een andere stam dan degene die een risico voor de mens veroorzaakt). De virussen beschadigen de slijmvliezen, waardoor bacteriën en andere micro-organismen kunnen binnendringen.
De virussen kunnen op allerlei manieren overgedragen worden. Het meest effectief is via een dier dat ze uitscheidt. Echter: het kan ook via bijvoorbeeld de kleding van mensen. Het blijkt dat een natuurlijke infectie die een kat doormaakt een bescherming geeft van maximaal 2 maanden. De verschijnselen variëren sterk per dier, van heel licht tot zeer ernstig. Ook is het mogelijk dat er chronische of chronisch recidiverende klachten blijven bestaan na een doorgemaakte infectie. Dit laatste treedt met name op bij dieren die op jonge leeftijd een niesziekte-infectie doormaken.

Er kunnen bij katten allerlei soorten wormen voorkomen. De meest belangrijke zijn de spoelworm (Toxocara cati) en de lintworm (Dipilidium caninum). Bij het kiezen van een goede ontworming moet in ieder geval op deze twee soorten gelet worden (niet altijd hoeft voor beide soorten ontwormd te worden). Spoelwormen zul je zelden aantreffen in de ontlasting, dit omdat zij het liefst in het lichaam blijven. De lintworm daarentegen wil graag stukjes met eieren naar buiten brengen. Deze stukjes kunnen actief uit de anus kruipen; dit zijn de welbekende ‘rijstekorrels’of ‘sesamzaadjes’.

Elk kitten dat is opgegroeid bij een moederpoes is besmet met spoelwormen; de larven van deze worm worden via de moedermelk meegegeven. Omdat de worm in een vroeg stadium (de wormlarve) een trektocht maakt door het lichaam is het van belang in het jonge leven van het katje te ontwormen volgens een goed ontwormingsschema.

Het hele milieu is besmet met spoelwormeieren, denk aan de grond in de tuin, de stoep of in de plantenbak. Dit samen met het feit dat de huid van spoelwormen bij kan dragen aan de klachten van CARA-patiënten zorgt ervoor dat het nodig is om de dieren het hele leven door te blijven ontwormen.

De lintworm wordt overgebracht door de vlo, dus behalve ontworming is, zeker bij een geconstateerde lintworminfectie, ook een goede ontvlooiing van belang.

Ontwormingsschema:
De katten dienen op 3, 5, 7 en 9 weken leeftijd ontwormd te worden. Hierna elke maand tot ze een half jaar zijn. Daarna minimaal 4x per jaar.
Indien er na de ontworming wormen gezien worden in de ontlasting (of eventueel in braaksel), of de ontworming plaatsvindt juist omdat er wormen gezien zijn, dan moet de ontworming na 2½ – 3 weken herhaald worden.

De zogenoemde ‘grote kattencocktail’ geeft bescherming tegen kattenziekte, niesziekte en chlamydia. Uit onderzoek blijkt dat vaccineren met chlamydia alleen in uitzonderingsgevallen nodig is.
Dit heeft ertoe geleid dat we in principe standaard enten zonder chlamydia. In bijzondere gevallen en wanneer uw kat naar het pension gaat zullen we vaccineren tegen chlamydia. Dit omdat sommige pensions een vaccinatie tegen chlamydia verplicht stellen. De bescherming tegen niesziekte is niet 100% door de veelheid aan virus-stammen die problemen aan de voorste luchtwegen kunnen veroorzaken. Hier zorgt de vaccinatie met name voor een minder snel aanslaan van een infectie, een minder ernstig verloop en het sneller beter worden. Tegen de kattenziekte werkt de vaccinatie goed beschermend.

Het standaard vaccinatie schema van onze praktijk is als volgt:

Dierenkliniek Tiel-Drumpt: De entingen die de kat nodig heeft, weergegeven in een tabel

De reden dat de kat als kitten 2x wordt gevaccineerd met een tussenpoos van drie weken, is dat er in het begin nog veel afweerstoffen van de moeder in het bloed van het kitten aanwezig zijn. Deze ‘maternale antilichamen’ vangen een deel van de vaccinatievirussen weg zodat de enting minder goed kan aanslaan. Omdat het per kitten verschilt wanneer deze afweerstoffen weg zijn dient er meerdere keren gevaccineerd te worden.
Uit de meest recente onderzoeken, gedaan in Nederland, blijkt dat het oude schema van alleen vaccineren op 9 en 12 weken leeftijd onvoldoende is. De kattenziekte geeft daarbij wel een goede bescherming (is echter pas sluitend na drie keer) maar de niesziekte bleek duidelijk onvoldoende bescherming te geven. Het advies van de specialisten is dan ook om drie maal te gaan vaccineren op jonge leeftijd. Hierbij zien we dan een duidelijke stijging in de opbouw van antilichamen tegen niesziekte ten opzichte van dieren die maar twee keer gevaccineerd zijn. Door deze drievoudige vaccinatie bouwen er meer geheugencellen op. Hierdoor kan het afweerapparaat van de kat bij een natuurlijke infectie sneller en efficiënter reageren en lopen de dieren een beduidend kleiner risico om in het eerste jaar niesziekte op te lopen.

Bordetella:
Bordetella is een bacterie die een rol kan spelen in het niesziekte complex.
Momenteel lijkt de rol van de Bordetellabacterie in het niesziektecomplex bij de kat in Nederland niet erg groot. Daarom is deze vaccinatie niet in het standaard vaccinatieschema opgenomen.
In probleemgevallen, of wanneer u er de voorkeur aan geeft om uw kat wel tegen Bordetella te laten vaccineren, dan is dat natuurlijk mogelijk. Deze vaccinatie is een neusspray die 1x per jaar gegeven dient te worden.

Rabiesvaccinatie (hondsdolheid):
Wanneer uw kat naar het buitenland gaat is deze vaccinatie verplicht. Voor de meeste EU landen geldt dat de vaccinatie minimaal 21 dagen oud moet zijn en maximaal 3 jaar. Ook dient het dier voor een bezoek aan het buitenland gechipt te zijn en in het bezit te zijn van het Europees Dierenpaspoort. Er zijn echter diverse landen (zowel binnen de E.U. als daarbuiten) die aanvullende eisen stellen. Zo zijn er landen waar een legalisatie van het enting en gezondheidsverklaring door de V.W.A. (de vroegere R.V.V.) verplicht is. Ook zijn er landen waar een huisdier pas in mag als er bloedonderzoek is gedaan naar de hoeveelheid antilichamen tegen rabies. In dit geval geldt er vaak ook een eis met betrekking tot de tijd ná vaccinatie en vóór grensovergang waarbinnen deze zogenoemde rabiestiterbepaling gedaan moet worden.
Omdat het blijkt dat de dieren na een éénmalige vaccinatie met enige regelmaat niet de gewenste rabiestiter bereiken, wordt aangeraden de rabiesenting na 4 weken te herhalen. Hiermee wordt de kans aanzienlijk vergroot dat de titer bij de bloedafname hoog genoeg is. Overigens is de hoogte van de titer die bepaalde landen eisen, een wat arbitraire waarde. Ook die dieren die een lagere titer te zien geven na 1 enting, zijn welzeker goed beschermd tegen hondsdolheid. Om deze reden is voor dieren waarbij geen titerbepaling verplicht wordt gesteld, de eenmalige vaccinatie voldoende.

Kortom: voordat uw kat op reis gaat, kunt u het beste de laatste informatie opvragen bij de ambassade van het land waar naartoe gereisd wordt (en de landen waar eventueel doorheen gereisd wordt!). Zie de pagina met de links om bij de websites van de verschillende ambassades te komen.
Ook onze assistentes kunnen u informatie geven over de eisen van diverse landen.

Soms wordt nog wel eens vergeten dat deze vaccinatie niet alleen gegeven wordt omdat u uw huisdier mee over de grens wilt nemen, maar dat hij met name gegeven wordt om uw huisdier te beschermen tegen een ziekte die niet meer te genezen is indien uw huisdier hem oploopt (daarnaast is hondsdolheid ook voor mensen een levensgevaarlijke ziekte, die via een beet van een besmette hond kan worden opgelopen…).

In de volksmond wordt bij vrouwelijke dieren over sterilisatie gesproken en bij mannelijke dieren over castratie. Technisch gezien gaat het bij beiden meestal om een castratie. De testikels en de eierstokken worden verwijderd en niet alleen afgebonden. Steriliseren kan in principe ook, hierbij wordt de kat onvruchtbaar, maar de positieve gevolgen van het wegvallen van geslachtshormonen worden hierbij niet bereikt.
Voor het wel of niet castreren c.q. steriliseren kunnen allerlei redenen zijn. Een aantal zullen hier de revue passeren. Het is altijd mogelijk om verder op uw situatie in te gaan tijdens een afspraak.

Bij de kater:
Na castratie hebben katers minder de neiging om te gaan vechten, waardoor er minder kans is op vechtabcessen en ziekten die door bloedcontact over worden gedragen zoals katten-aids.
Met castratie van de kater zet men zich ook in tegen overpopulatie van wilde katten, indien de kater buiten komt. Het belangrijkste is voor de meeste eigenaren het voorkómen van de indringende ‘katerlucht’ van de urine en het in en om het huis sproeien door deze katers. Helaas biedt een castratie geen 100% garantie in het voorkómen van sproeigedrag: een klein deel van de katten blijft of gaat toch sproeien (dit gedrag is namelijk ook afhankelijk van de omgevingsfactoren). Overigens kunnen zelfs poezen sproeigedrag vertonen!
De leeftijd waarop castratie mogelijk is:
In principe castreren we katers vanaf een leeftijd van 6 maanden. Een uitzondering hierop is wanneer de dieren op een jongere leeftijd al beginnen te sproeien of als er in hetzelfde huishouden een ongecastreerde poes rondloopt, dan doen we het eerder. In dit laatste geval wordt dan wel de narcose aangepast aan de leeftijd van de kat (onder andere omdat het hart bij zeer jonge dieren zich nog niet voldoende kan aanpassen aan veranderingen in de hartfrequentie die door de meeste standaardnarcoses worden veroorzaakt).

Veel gehoorde fabels:
Dat een kater door castratie minder groot zou worden is nog nooit aangetoond. Wanneer we het zouden vergelijken met mensen en paarden (de eneuch en de ruin) zouden ze juist groter moeten worden. Tevens is het ook niet zo dat ze door de castratie een kleinere penis of smallere plasbuis zouden krijgen waardoor ze sneller problemen zouden krijgen met blaasgruis.

Bij de poes:
De belangrijkste reden voor castratie bij de poes is het voorkómen van krolsheid en dracht.

Deze operatie heeft duidelijke voordelen boven het langdurig toedienen van de zogenoemde poezenpil. De poezenpil bevat hormonen die na langer gebruik de veroorzaker kunnen zijn van melkkliertumoren bij de poes (en die zijn in 80% van de gevallen kwaadaardig!) en het gebeurt helaas regelmatig dat een poes die de pil krijgt toch drachtig wordt omdat de pil een keer is vergeten of omdat de kat de pil heeft uitgebraakt.
Bij castratie van de poes worden de eierstokken (zie pijlen bij bovenstaande foto’s) weggehaald. Alleen wanneer de baarmoeder afwijkend toont, wordt deze ook verwijderd.

De leeftijd waarop sterilisatie mogelijk is: 
Hiervoor geldt net als bij de kater een minimumleeftijd van een half jaar, behalve wanneer ze eerder krols wordt. De reden voor deze minimumleeftijd is net als bij de kater het narcoserisico.

Door dagelijkse hoeveelheden voer, bacteriën en mineralen uit speeksel en water ontstaat er plaque op de tanden. Indien dit niet voldoende door de wangen wordt weggemasseerd, ontstaat er een geelbruine harde tandsteenlaag, die we vaak bij katten tegenkomen. Meestal ontstaat dit op de hoektanden en op de achterste kiezen. Het gevolg hiervan is ontsteking van het tandvlees, met terugtrekking van het tandvlees, het loskomen van de gebitselementen en het vormen van email defecten tot gevolg.

Verder hebben tandsteen en tandvleesontsteking een doordringende geur door bacteriën. Deze bacteriën kunnen zich via de bloedbaan verspreiden en voor problemen elders in het lichaam zorgen, met name in de nieren en op de hartkleppen.

Het belangrijkste is om te voorkomen dat tandplaque ontwikkelt en zich verder gaat manifesteren als tandsteen. Dit kunt u heel gemakkelijk thuis doen.

1. Speciale gebitsvoeding
In de dierenkliniek is voeding te verkrijgen, die ontwikkeld is om het gebit schoon te houden. Het zijn harde brokjes, met een speciale structuur en grootte, welke ervoor zorgen dat tijdens het kauwen de brokstukken langs de kiezen schuren. Hiermee wordt tandplaque van de kiezen afgeschraapt. Nat en te zacht voer blijven aan de kiezen plakken, waardoor er sneller tandplaque en tandsteen ontstaat.

2. Mondwater
Er is speciaal voor katten en honden mondwater ontwikkeld. Dit kan toegevoegd worden aan het drinkwater. Het mondwater werkt antibacterieel, zorgt dat bacteriën en voedselresten minder gemakkelijk aan de tanden kunnen hechten en voorkomt de vorming van tandsteen. Als aanvulling op het poetsen kan dit ervoor zorgen dat tanden en kiezen schoon blijven.

3. Poetsen
Net als bij de mens is mechanische reiniging van de tanden de beste methode om tanden en kiezen schoon te houden. Dit kan eventueel met een speciale tandpasta voor dieren, maar kan ook gewoon met water. Het gemakkelijkste is om van jongs af aan met uw kat te oefenen om regelmatig, op een vast moment op de dag, de tanden en kiezen te poetsen. Dit kan met een speciale tandenborstel, maar ook met een vingertandenborstel of gaasje om uw vinger. Bij katten vergt dit wel enige oefening, maar als er veel geoefend wordt, is dit wel te realiseren.

Heeft uw huisdier ergens last van? Aarzel niet en laat het ons weten.